Arrogantie maakt van iemand geen crimineel, maar niet minder schuldig. De schandpaal is een oplossing!

De deal die woningcorporatie Vestia heeft getroffen met de voormalige directeur Erik Staal en een aantal vroegere commissarissen, vraagt om een aantal kanttekeningen. Vorige week werd bekend dat Vestia 4,8 miljoen euro ontvangt van Staal en acht ex-commissarissen en als tegenprestatie daarvoor trekt de corporatie de rechtszaak tegen de ex-bestuurder en toezichthouders in.

De schikking waarmee Vestia akkoord is gegaan, is een heel klein doekje voor het bloeden. Eerder had de woningcorporatie Staal en de commissarissen nog voor 2 miljard euro aansprakelijk gesteld in de nu ingetrokken rechtszaak. Vestia was van mening dat Staal en de toezichthouders verantwoordelijk konden worden gehouden voor een dreigend faillissement als gevolg van gerommel met derivaten, met name door de voormalige treasurer van de corporatie, Marcel de V. Deze derivatenkwestie bracht Vestia – op dat moment de grootste woningcorporatie van het land met bijna 100.000 sociale woningen – in 2012 aan de rand van de afgrond. Om een faillissement af te wenden moest Vestia voor in totaal 2 miljard euro aan derivaten afkopen bij de banken. Inmiddels is corporatie onder leiding van Arjan Schakenbos weer in een veilige haven beland, onder meer door de verkoop van vele duizenden sociale woningen en de stijging van de huizenprijzen in de portefeuille. Daarnaast voert de corporatie nog altijd gesprekken met een aantal banken, die de omstreden financiële producten aan Vestia hebben verkocht. Afgelopen oktober werd al een schikking met ABN Amro getroffen. De bank betaalde 55 miljoen euro.

In de media zijn Staal en de voormalige commissarissen vanaf het allereerste moment dat het derivatenschandaal in de publiciteit kwam, afgeschilderd als arrogante bestuurders die meer oog zouden hebben gehad voor hun eigen posities en status dan voor de aan hen toevertrouwde sociale woningen en hun huurders. Een beeld dat nog versterkt werd door andere schandalen rond woningcorporaties. Vriendjespolitiek, gebrek aan transparantie, ongewenste grootheids- en statuswaanzin, absurd hoge salarissen en bonussen, het waren steeds weer dat soort beschuldigingen die in de media de boventoon voerden. De parlementaire enquête Woningcorporaties, die eind oktober 2014 haar eindrapport ‘Ver van huis’ naar buiten bracht, formuleerde het aldus: ‘Het corporatiestelsel is ver van huis geraakt en moet fors op de schop. Ernstige tekortkomingen in het sociale huurstelsel hebben incidenten in de corporatiesector, zoals bij Vestia, in de hand gewerkt. Te ambitieuze of kwaadwillende corporatiebestuurders kregen hierdoor jarenlang de ruimte om dingen te doen die ver af stonden van hun kerntaak: het sober en doelmatig huisvesten van mensen met een smalle beurs.’

Het rapport van de parlementaire enquêtecommissie – op basis van de verhoren van een groot aantal spelers in het corporatiesegment – bevatte voor de insiders weinig nieuws. Toch bleven de media ook daarna fel uithalen naar met name corporatiedirecteuren als Erik Staal van Vestia, Hubert Möllenkamp van Rochdale en Lex Verzijlbergh van Servatius vanwege hun beleid, bestuur en persoonlijke praktijken. De roep om harde – en zelfs strafrechtelijke- maatregelen tegen deze bestuurders en hun toezichthouders is dan ook nooit uit de lucht geweest.

Toch heb ik me altijd afgevraagd of tegen Staal en diens commissarissen of iemand als Verzijlbergh van de Maastrichtse woningcorporatie Servatius (vanwege een tientallen miljoenen euro kostende fiasco met een studentencampus in de Limburgse hoofdstad) een juridische/strafrechtelijke zaak enige kans zou hebben. In het geval van Möllenkamp was het duidelijk dat hij zijn eigen portemonnee flink had gespekt met onwettige praktijken. Hij is dan ook terecht strafrechtelijk veroordeeld. Maar slecht bestuur en slecht toezicht – al dan gepaard gaande met een stevige dosis arrogantie – zijn niet hetzelfde als crimineel gedrag, zelfs als dat falen gepaard gaat met miljoenenverliezen. Politici in Den Haag – Kamerleden, ministers, maar ook politiek verantwoordelijken op lagere niveaus – maken zich regelmatig schuldig aan slechte besluiten, onbegrijpelijke en soms belachelijke beslissingen die de Staatskas keer op keer met enorme verliesposten opzadelen, zonder dat zij in de publieke opinie en/of media worden gelijkgesteld met criminelen.

Toch is er hier sprake van een ongemakkelijk gevoel. Wat steeds opnieuw – ook tijdens de verhoren van de parlementaire enquêtecommissie Woningcorporaties – opvalt, is dat de gewraakte betrokken bestuurders en toezichthouders nauwelijks bereid zijn toe te geven dat ze iets ernstigs fout hebben gedaan of gefaald hebben. Staal deed dat niet, Verzijlbergh deed dat evenmin en ook de wel veroordeelde Möllenkamp heeft nooit enig teken van bestuurlijk berouw getoond. Integendeel, allen vinden nog steeds – min of meer – dat hen niets te verwijten viel en dat ze verantwoordelijk hebben opgetreden en ook recht hadden op de salarissen en bonussen die ze veelal zichzelf hadden toegekend. Dat geldt tot de dag van vandaag, blijkens de verklaring van Vestia over de deal met Staal en de ex-commissarissen: ‘De deal komt tot stand zonder erkenning van aansprakelijkheid’, met als verzachtende omstandigheid dat ‘de voormalige commissarissen het betreuren dat zij als toezichthouder het verlies van Vestia niet hebben kunnen voorkomen. Zowel Staal als de voormalige commissarissen hebben verklaard dat zij geen weet hadden van de fraude door de voormalig treasurer.’ Met andere woorden: Ich habe es nicht gewusst en ik kan mijn handen in onschuld wassen.

Maar bevredigend is het van geen kanten. Wie denkt dat Staal en de ex-commissarissen van Vestia in ieder geval financieel zijn ‘gestraft’ met een totale tegemoetkoming van 4,8 miljoen euro voor de zwaar getroffen woningcorporatie, komt van een koude kermis thuis. Het schikkingsbedrag van Staal en ex-commissarissen wordt namelijk grotendeels betaald door hun bestuurdersaansprakelijkheidsverzekeraar. Staal zelf betaalt blijkbaar, zo lees ik uit het persbericht, ‘slechts’ 1 miljoen euro en de commissarissen ieder 50.000 euro bij aan de schikking. Ik kan u verzekeren, dat geen van hen ook maar enige financiële pijn zal hebben van deze schikking. Ze betalen het allemaal zo uit hun bankrekening, pensioenregeling of vermogensbeheerpotje. Ze zullen er geen kruimel minder brood door eten en al helemaal geen glas goede witte wijn voor hoeven te laten staat. Dat ligt trouwens heel anders bij de huurders van Vestia, die door het falen van de heren en dames met een hogere huur werden opgezadeld.

In de Telegraaf van vorige week stond een uiterst interessant artikel over de arrogantie van bestuurders naar aanleiding van de Vestia-deal. In het artikel stelt psychiater Bram Bakker dat ‘topmannen zelden bij reputatieschade erkennen dat ze zelf fout zaten’. Toch zegt Bakker dat mensen als Staal – als ze eenmaal negatief in het nieuws zijn gekomen – wel degelijk getroffen worden: ‘Gigantisch slaapgebrek na nachten, soms weken zonder rust, structurele concentratiestoornis, heftige zweetaanvallen, knallende hoofdpijnen en fysieke uitputting, uitval van lichamelijke functies. Geen eetlust, flink drinken, weer gaan roken. Opeens heel heftige emoties, boos, angstig, achterdocht, hallucinaties – en dat soms in combinatie, schetst hij praktijkgevallen’.

Bakker gaat nog een stapje verder: ‘Ze zijn dan, fysiek en geestelijk goed beschouwd, hartstikke ziek. Mensen die met reputatieschade te maken krijgen, hebben gevoel en verstand niet meer op een lijn. Er komen zeer veel emoties ineens omhoog. Ze projecteren theorieën, alsof het een complot tegen ze is. Maar dat is het zelden. Hun ideeën slaan vaak nergens op. (-) Veel van die topmensen hebben echt een bord voor hun kop.’

 

Arrogantie is inderdaad geen criminaliteit, maar Staal cum suis komen op deze manier erg makkelijk weg. Net zoals veel andere bestuurders en ex-bestuurders – maar ook politici en ambtenaren – die met absurde salarissen en een te grote mond faalden en dat niet eens openlijk toegeven. Ze hoeven voor mij echt niet de gevangenis, maar ongemakkelijk voel ik me wel over de makkelijke manier waarop ze veelal wegkomen. Net zoals politieke en maatschappelijk toezichthouders – ik denk bijvoorbeeld aan VVD-coryfee Loek Hermans – die feitelijk hun taak – vaak met flinke salarissen en vergoedingen – hebben verzaakt.

In sommige (dictatoriale) systemen hadden en hebben ze voor dit soort mensen een oplossing om met de arrogantie af te rekenen. Schandpalen, publieke biechten en eventueel hervormingskampen om tot inzicht te komen. Ik denk dat het rechtsgevoel van veel mensen – en met name de huurders van de sociale woningen in de wijken waar Vestia een dominante positie heeft – wel zou zijn bevredigd als Staal gewoon een paar uur aan de schandpaal was vastgebonden en al dan niet met rotte tomaten en eieren zou zijn bekogeld. Maar nee, dat doen we niet, wij zijn beschaafd, hebben de mond vol over mensenrechten en laten hem dus lekker arrogant op de Antillen wonen in zijn meer dan fraaie huis en genieten van zijn niet-welverdiend pensioen. En trouwens, als we het er toch over hebben, die enorm arrogante Bram Moskowitz zou ik ook graag aan zo’n schandpaal zien, midden op de Dam in Amsterdam. Ik zou zelf met tomaten naar hem gaan gooien.

Advertenties
Comments
One Response to “Arrogantie maakt van iemand geen crimineel, maar niet minder schuldig. De schandpaal is een oplossing!”
  1. Insider schreef:

    Terug naar de zegeningen van de Middeleeuwen?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: