De zelfverklaarde ‘goden’ Winnie Mandela en Desi Bouterse blijven me achtervolgen

De afgelopen weken kwamen twee personen opnieuw in het nieuws, die een belangrijke stempel op mijn leven hebben gedrukt: Winnie Mandela en Desi Bouterse. Beiden zijn in mijn ogen tragische helden die misschien bij heel wat mensen nog steeds sympathie en bewondering opwekken, maar ergens zijn vastgelopen en direct en indirect verantwoordelijk zijn geweest voor heel veel ellende en zelfs misdaden. En dat alles omdat zij niet met de macht en invloed die ze al dan niet terecht hebben verzameld, hebben kunnen omgaan, maar deze tot waarschijnlijk hun dood zullen proberen te behouden.

U zult denken: wat heeft dit alles met vastgoed te maken? Niets. Maar de trouwe lezer van deze blog weet dat ik ook in het verleden over andere zaken heb geschreven dan commercieel vastgoed; veelal over zaken die teruggaan tot drie correspondentschappen voor Nederlandse media. Eerst in Suriname (1979 tot en met 1983), daarna in Zuid-Afrika (1984 -1989) en vervolgens op het Iberisch Schiereiland van 1989 tot en met 1994.

Desi Bouterse kwam opnieuw in het nieuws, omdat de openbare aanklager in het proces over de Decembermoorden een gevangenisstraf van twintig jaar heeft geëist. Het proces gaat terug naar 8 december 1982 toen Bouterse en een aantal andere militairen – die tezamen met militair gezag in het land uitoefenden – vijftien tegenstanders van hun bewind laaghartig vermoorden in Fort Zeelandia. Dat fort is een bekend ‘stenen’ overblijfsel in de hoofdstad Paramaribo uit een andere tijd, namelijk het slavernij- en koloniale verleden van Nederland.

Ik was op het moment van deze moordpartij zelf in Nederland, maar werd nog diezelfde nacht door vrienden en familieleden van de slachtoffers op de hoogte gesteld. Ik wist direct dat het verhaal dat een van de militair leiders, Badrisein Sital me telefonisch opdiste, niet klopte. De officiële versie van Bouterse en zijn aanhangers was ‘dat de vijftien vermoorde Surinamers waren aangehouden op verdenking van een staatsgreep en vervolgens op de vlucht waren neergeschoten’.

Zelf werd ik bij terugkeer in Paramaribo, twee maanden na de moordpartij, ook gearresteerd op verdenking een CIA-spion te zijn en werd vijf dagen opgesloten in het naast Fort Zeelandia gelegen hoofdkwartier van de Militaire Politie. De parallellen met hetgeen twee weken geleden programmamaker Derk Bolt en cameraman Eugenio Follender in Colombia is overkomen, zijn herkenbaar. Na grote druk van collega-journalisten, de publieke opinie en het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken werd ik vervolgens op het vliegtuig naar Schiphol gezet en ben daarna nog slechts een keer in de voormalige kolonie terug geweest. Lees hiervoor mijn blog van 21 september 2015: https://visieopvastgoed.wordpress.com/2015/09/21/over-de-doden-niets-dan-goed-zelfs-over-decembermoord-medeplichtige-marcel-zeeuw

Bouterse is al weer jaren president van Suriname, heeft nog heel wat meer moorden en doden op zijn naam staan dan die van de vijftien critici van zijn bewind in december 1982 (maar over die moorden hoor of lees je je niets), is in Nederland tot langdurige gevangenisstraf veroordeeld wegens betrokkenheid bij drugssmokkel en heeft inmiddels te kennen gegeven, niet van plan te zijn af te treden als president of een gevangenisstraf te gaan uitzitten als de krijgsraad in Paramaribo inderdaad tot een veroordeling komt. ‘Als God mij hier heeft neergezet, wie is de rechter dan om mij weg te sturen’, riep hij op een inderhaast bijeen geroepen bijeenkomst met zijn aanhangers.

Deze uitspraak tekent het fiasco van een procesgang die feitelijk decennia heeft geduurd en waarvan het ook nu niet duidelijk is of het tot een veroordeling komt, laat staan tot het uitzitten van een verdiende straf voor afschuwelijke misdaden. Bouterse plaatst zich op één lijn met zoveel andere machthebbers in het heden en verleden die claimen macht aan ‘hun’ god te kunnen ophangen. ‘Ik ben een God in het diepst van mijn gedachten’ zou ik hier met veel ironie – naar een beroemd sonnet van Willem Kloos – willen optekenen. Maar dat is toch iets anders dan claimen een verlengstuk van die andere God te zijn en aan geen mens meer verantwoording te hoeven afleggen.

IMG_20170705_0004.jpg

Bouterse leerde ik kennen in de weken voor de coup van 25 februari 1980, toen hij samen met onder andere Roy Horb en met ‘een aantal machetes en jachtgeweren’ de democratisch gekozen regering van Henk Essed aan de kant zette. Ik was erbij en vond in mijn archief nog een foto van hem, die ik maakte op de eerste persconferentie die hij na die machtsgreep hield. Een lange, slungelige man, die moeizaam formuleerde, maar die ook liet zien voor de duvel niet bang te zijn. Laat staan voor God. Ik kan niet ontkennen dat ik begrip had voor de ontevreden militairen in het op dat moment slechts 5 jaar onafhankelijke, maar diep verdeelde Suriname. Zij konden, toen in 1980, ook rekenen op steun en sympathie vanuit de bevolking en de politieke oppositie. Maar die steun en sympathie raakte Bouterse snel kwijt in de jaren daarna door krampachtig en met geweld en intimidatie vast te houden aan de in de schoot geworpen macht, met als absolute dieptepunten de moord op vijftien tegenstanders op 8 december 1982 en de burgeroorlog die later in het land werd uitgevochten. Dat hij daarna toch democratisch – dat wel – tot president werd gekozen en een aantal keren verkiezingen won, heeft alles te maken met het gegeven dat Surinamers, die geboren zijn na de Decembermoorden van 1982 en meer dan de helft van de huidige bevolking uitmaken, de pijn van de moordpartij in Fort Zeelandia nooit bewust hebben meegemaakt. Maar zo gaat het wel vaker in de geschiedenis.

Bouterse is inmiddels 70 jaar en ik vrees dat hij de gevangenis nooit van binnen zal zien. Hij zal – goedschiks of kwaadschiks – ontsnappen aan een gevangenisstraf, eventueel via een door hemzelf gereguleerde gratie of anders met behulp van machtsgroepen en gewapende eenheden die hij rond zich heeft verzameld. Niets nieuws onder de zon, als ik kijk naar wat er op dit moment bijvoorbeeld in Venezuela of Syrië gebeurt en noem nog maar een paar landen op. En dat alles in naam van de zelf benoemde God, zullen we maar zeggen.

IMG_20170705_0002.jpgBij Winnie Mandela ligt het gecompliceerder. Ik ontmoette haar voor het eerst eind 1984 in Brandfort in de Oranje Vrijstaat, het kleine Afrikaner stadje waar ze huisarrest had gekregen in de aan de blanke kern gelegen zwarte township. Haar man Nelson zat nog op Robbeneiland en was zowel binnen als buiten de landsgrenzen nog niet zo bekend als enige jaren later. Ik was direct onder de indruk van haar intense verhaal, haar overtuigingskracht en haar vastberadenheid. Toch vertoonde ze tijdens die eerste, uren durende ontmoeting die we in Brandfort hadden, al de trekjes die later zo kenmerkend zijn geworden voor haar gedrag, met name toen de vrijlating van haar man steeds dichterbij kwam: arrogantie, machtswellust, manipulatie en een wel heel eigen kijk op haar daden. Ook hierover heb ik eerder – op 5 juli 2013 -een blog geschreven: https://visieopvastgoed.wordpress.com/2013/07/05/nelson-mandela-een-vriend-die-ik-nooit-de-hand-kon-schudden.

Over het leven van Winnie Mandela ging afgelopen week in Nederland een documentaire in première, gemaakt door de Franse cineaste Pascale Lamche. Ik heb de documentaire niet gezien, alleen de fragmenten die op internet te vinden zijn en die zijn vertoond in verschillende tv-programma’s. Ik heb er ook niet zo’n behoefte aan hiervoor naar de bioscoop te gaan, want ik voel er weinig voor mijn reeds jaren bestaande en gefundeerde beeld over haar persoon te wijzigen. Wat ik heb gelezen en gehoord, is deze documentaire in een aantal wezenlijke punten een totale omkering van feiten en waarden. De documentaire is in de Nederlandse media negatief beoordeeld – zeg maar afgekraakt -, maar dat belette de correspondent in Zuid-Afrika voor de NRC, Bram Vermeulen, er toch heel wat positiefs in te zien. Hij publiceerde een  artikel onder de kop  Nelson Mandela is dood, Winnie is helemaal terug (https://www.nrc.nl/nieuws/2017/06/27/nelson-is-dood-winnie-is-helemaal-terug-11312051-a1564692, waarin hij probeert aan te tonen dat Winnie – inmiddels 80 jaar oud – op dit moment in Zuid-Afrika zeer positief wordt bejegend, en dat er juist in zwarte kringen (vooral onder jongeren) het in het westen mystieke beeld van Nelson Mandela als ‘redder’ van de Regenboog-natie zwaar ter discussie staat.

Ik ben zelf regelmatig in Zuid-Afrika, lees dagelijks de Zuid-Afrikaanse kranten en spreek met vooraanstaande Zuid-Afrikanen en ik herken weinig in dat beeld. Zeker, de documentaire is in Zuid-Afrika ook in sommige media positief ontvangen en Winnie is in bepaalde zwarte kringen binnen het ANC nog steeds populair – ongeacht wat ze allemaal op haar conto heeft staan – maar haar rol is binnen datzelfde ANC en binnen de huidige politiek volledig uitgespeeld.

Een aantal van de hoofdrolspelers die in de documentaire aan het woord komen of zijn gebruikt door de regisseuse (een geëngageerde, zeg maar uiterst bevooroordeelde Française) heb ik in de jaren tachtig (en ook daarna) ontmoet en heb ik langdurig gesproken: Stompie Seipei, Winnie’s dochter Zindzi, Nobelprijswinaaar Desmond Tutu en de hoofdpersoon Winnie Mandela zelf. Plus nog zoveel anderen die de afgelopen 35 jaar een belangrijke rol zijn blijven spelen in Zuid-Afrika, inclusief voormannen en -vrouwen binnen het ANC en de oppositie, maar die in de documentaire niet aan bod komen en beslist een heel andere kijk hebben op de persoon van Winnie.

Waar het om gaat is of Winnie echt het rolmodel is voor de toekomst van Zuid-Afrika of toch eerder iemand die in het verleden een belangrijke rol heeft gespeeld maar de weg is kwijtgeraakt. Om rolmodel voor de toekomst te zijn, moet je voor mij moreel een schoon blazoen hebben. En dat geldt niet voor Winnie. Zij is betrokken geweest bij minimaal één moord – die op Stompie Seipei – en de gewelddadige dood van dokter Asvad in Soweto. Ze heeft geld verduisterd, diamanten gesmokkeld, een rijk leven geleid op kosten van anderen op basis van manipulatie en fraude, en zit al jaren in het parlement zonder daar ook maar iets uit te spoken, tegen een heel interessante vergoeding.

Haar gedrag is zeker te verklaren en volgens sommigen zelfs te verdedigen, maar kan daarmee nog niet worden goedgekeurd. In deze documentaire van Lamche – zoveel heb ik er wel van gezien en begrepen – wordt zo’n beetje al haar laakbaar gedrag op het conto van het apartheidssysteem en ook op dat van het ANC zelf geschreven, waarbij ook nog eens wordt afgerekend met haar ex-man Nelson Mandela.

Met name het in de documentaire gebruikte fragment, waarin de voormalige Anglicaanse aartsbisschop Desmond Tutu – in mijn ogen de echte held van de strijd tegen de apartheid, veel meer dan Nelson Mandela – als voorzitter van de Waarheidscommissie haar smeekt toch in ieder geval met een verontschuldiging te komen voor haar betrokkenheid bij de moord op Stompie (wat ze weigert), is bijna – in de door Lamche gebruikte context – weerzinwekkend.

Zuid-Afrika bevindt zich al jaren in een diepe crisis, zowel economisch als moreel. President Jacob Zuma is zwaar corrupt, net als een belangrijk deel van de huidige top van het ANC en de regering. Zie ook mijn blog van afgelopen maart https://visieopvastgoed.wordpress.com/2017/03/30/zuid-afrika-geen-goede-keus-om-te-investeren. De economische, politieke en morele chaos werken diep door in alle lagen van het bestuur en maatschappij. De werkloosheid is na 1994 alleen maar toegenomen en ligt nu rond de 28 procent van de beroepsbevolking. Het land wordt geteisterd door corruptie, wanbestuur, eigengewin en criminaliteit en de Nelson Mandela-droom van de Regenboognatie is in menig opzicht een nachtmerrie geworden.

Desi Bouterse en Winnie Mandela. Zonder hen zou mijn leven er heel anders hebben uitgezien. Sterker nog, zonder de ‘revo’ van Bouterse in 1980 zou ik nooit journalist zijn geworden. En Winnie heeft zeker doorslaggevend bijgedragen aan mijn aanhoudende liefde voor een van de mooiste landen in de wereld, met vooral heel veel aardige mensen.

Uiteindelijk zal de tijd bepalen of Bouterse en Winnie Mandela de helden van de geschiedenis van hun landen zijn, of toch alleen maar zelfbenoemde goden met een duister randje. Voor mij zijn de echte helden personen als de door Bouterse vermoorde Kenneth Gonzalvez en de door Winnie Mandela zo verfoeide Demond Tutu. Voor altijd, ook over 100 jaar.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: