Bij de dood van Carel de Reus: een reus in het commercieel vastgoed

 

carel

Als je ouder wordt – en ook ik word dat elke dag weer – ben je er zeker van dat je steeds vaker met de dood wordt geconfronteerd. Dat is een cliché en een waarheid als een koe.  Maar het blijft een feit dat de dood van iemand die iets, veel of heel veel voor je heeft betekend – persoonlijk of zakelijk – emoties op roept of stof tot nadenken geeft. Met vastgoedman Carel de Reus die afgelopen zondag veel te jong op 72-jarige leeftijd overleed, had ik geen intensieve persoonlijke relatie, maar hij heeft wel grote indruk op mij gemaakt, nadat ik hem in 2001 als kersverse hoofdredacteur van Vastgoedmarkt voor het eerst ontmoette. Die grote indruk is altijd gebleven. Gisteravond, op de jaarlijkse vastgoedreceptie van CBRE in het Amstel Hotel te Amsterdam, bleek dat gevoel overigens te worden gedeeld door met name het oudere deel van de aanwezigen, die hem goed hebben gekend en met hem hebben gewerkt.

Wat mij in de door grijze pakken gedomineerde vastgoedsector, waarmee ik begin deze eeuw te maken kreeg, direct opviel was dat Carel zo anders was: Ik citeer uit de Vastgoedmarkt van juni 2001 toen ik hem als de nieuwe voorzitter van de Neprom interviewde: ‘Het klassieke vastgoedgrijs is niet aan hem besteed. In het gezelschap grijze pakken, dat vastgoedbijeenkomsten domineert, draagt hij een afwijkende colbert, donker overhemd en smaakvolle das. Carel de Reus – van postuur al vrij lang – trekt onmiddellijk de aandacht, ook omdat zijn forse snor geen gemeengoed is onder de financiers, projectontwikkelaars en makelaars die de Nederlandse vastgoedwereld vormen.’

Carel de Reus gaf dan ook leiding aan een bijzondere ontwikkelaar, Johan Matser Projectontwikkeling, met name gespecialiseerd in woningen en winkelvastgoed en werkzaam vanuit een bijzonder fraai kantoor in Hilversum, dat als een voorloper van het latere zo populaire ‘groene’ kantoor kan worden beschouwd. De Berlage-villa was overigens daarvoor jarenlang gebruikt door de TROS en het eerste wat De Reus deed alle oneigenlijke ‘verbeteringen’ er weer uithalen.

Hij was in die jaren ook de onderscheidende voorzitter van de Neprom, die het aandurfde tegen de gekte van de markt in een andersoortig geluid te laten horen, als het ging over duurzaamheid, de natuur, planontwikkeling, ruimtelijke invulling en integriteit. Thema’s die twintig jaar geleden – en ik vrees nu ook nog – vooral aan de linkerkant van het politieke spectrum aandacht kregen. Vandaar dat hij mij deed denken aan de voormalige PvdA-politicus Joop den Uyl, hoewel die in mijn herinnering wel altijd grijze pakken droeg, ook al was diens voorkomen wat slonsig. Dat was de bedachtzame Carel nooit.

De Reus volgde een opleiding als bouwkundig ingenieur in Delft, maar werd daarna ambtenaar bij het toenmalige ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (VROM) en als hoofdingenieur-directeur in de provincie Noord-Holland. In 1987 maakte hij de overstap naar de private sector als directeur van Wilma Vastgoed bij de Groep Wonen. Eind 1996 werd hij aangesteld als directeur bij de TBI-bedrijf Johan Matser Projectontwikkeling, de oudste projectontwikkelaar van ons land.  Onder zijn leiding haalde Johan Matser Projectontwikkeling de ene vastgoedprijs na de andere binnen.

In 2008 bereidde hij aan het begin van de vastgoedcrisis het samengaan met een ander TBI-ontwikkelingsbedrijf Hopman Interheem voor dat vervolgens Synchroon ging heten. Een jaar later, op de pensioengerechtigde leeftijd van 62, verliet hij Synchroon en begon zijn eigen consultancy-onderneming. Carel de Reus werd overigens al in 2003/2004 genomineerd voor de onderscheiding ‘Vastgoedman van het jaar’. Samen met Cor van Zadelhoff, Rudy Stroink van het toenmalige TCN, Jacques Kwak van Boer Hartog Hooft en Maarten Hulshoff, de CEO van Rodamco Europe. De onderscheiding ging niet naar hem, maar naar Van Zadelhoff. Als je dit lijstje bekijkt, tekent het ook wel de marktveranderingen van pakweg de afgelopen vijftien jaar. TCN bestaat alleen nog maar voor de curatoren en Stroink is in afwachting van een hoger beroep wegens witwassen en valsheid in geschrifte. Boer Hartog Hooft is opgegaan in Colliers, Johan Matser Ontwikkeling bestaat al lang niet meer en is opgenomen in Synchroon en Rodamco Europe is opgeslurpt door het Franse Unibail. Tja, en Cor van Zadelhoff is natuurlijk onsterfelijk.

Tot aan zijn ziekte en dood heeft De Reus niet stilgezeten. Op zijn website – die nog in ‘de lucht’ is – wordt een lange lijst van activiteiten en nevenactiviteiten opgesomd waarmee hij zich de afgelopen tien jaar op ruimtelijk en vastgoedterrein heeft beziggehouden, met name op het raakvlak van overheden en marktpartijen. Zijn maatschappelijke invalshoek stond daarbij centraal.

Op zijn website trof ik – naast een aantal publicaties waarin hij een rol heeft gespeeld – ook een hoofdredactioneel commentaar van mijn hand aan uit 2009 over de zin en vooral de onzin van allerlei ranglijsten die in de vakbladen verschijnen. In de tekst had ik hem genoemd als een van de velen die ten onrechte niet meer in die lijsten worden opgenomen, omdat ze niet langer meer aan het hoofd van een marktpartij staan. Hij vertelde me later dat hij die lijsten ook volslagen onzin vond, omdat ze nooit klopten en geen enkel ander belang dienden dan persoonlijke ijdelheid. En die was hem volslagen vreemd.

In een interview in Vastgoedmarkt met redacteur Peter Hanff, in februari 2008 over het samengaan met Johan Matser met Hopman Interheem gaf hij aan in welke richting Synchroon zich in zijn ogen moest begeven: ’Snelle jongens in pakken met krijtstreepjes en een das om zul je hier niet zo snel tegenkomen. De jonge garde heeft veel meer dan vroegere generaties gevoel voor het maatschappelijke, die worden niet louter gedreven door geld.’ Of hij recentelijk nog zo optimistisch was over die jonge garde, weet ik niet. Ik tref in ieder geval op de Zuidas-kantoren weer heel wat van die snelle jongens en meisjes met krijtjesgrijze pakken en dassen aan en de wat exclusievere dameskleding uit de duurdere boetieks. En hoe maatschappelijk zijn ze eigenlijk bezig?

Een jaar na het afronden van de fusie met Hopman Iterheem en de vorming van Synchroon ging Carel met pensioen, maar gezien zijn lange lijst van activiteiten op met name het ruimtelijk gebied, was dat zeker niet om niets te gaan doen: ‘Nee, ik heb niet zoveel kijk op het telen van geraniums’, zei hij in Vastgoedmarkt. Slechts een keer heb ik De Reus echt boos meegemaakt en dat was in 2002 tijdens de verhoren  van de parlementaire enquêtecommissie Bouwfraude. Tijdens die verhoren suggereerde de ex-voorzitter van de AVBB, D. Terlingen dat De Reus – samen met twee collega’s – bij de overstap in 1987 vanuit de overheidssector naar vastgoedbedrijf Wilma specifieke kennis over de beoogde verdeling van nieuwe Vinex-locaties frauduleus had meegenomen. De Reus deed de beschuldigingen meteen af als onzin en werd al snel door dezelfde commissie in het gelijk gesteld.

Reuzen kom je in het dagelijks leven niet zo vaak tegen. Tenminste ik niet. Carel de Reus was een vastgoedreus, hoe kinderachtig deze woordspeling misschien lijkt. De sector zal deze Reus missen.

Comments
One Response to “Bij de dood van Carel de Reus: een reus in het commercieel vastgoed”
  1. Anna Wouters schreef:

    Wat mooi geschreven, Ruud

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: